12-13-19-20-26-27 februari 5-6-12-13-19-20-26-27 maart
Repetitiefoto's van Fimosis
Wie is Jan Sobrie?
Jan Sobrie studeert in juni 2002 af als acteur aan de Erasmushogeschool Brussel, Departement Rits – Dramatische kunsten, optie spel.
Tijdens zijn opleiding maakt hij een solo Neue Rozen en in samenwerking met Joris Van den Brande en onder begeleiding van Stef De Paepe maakt hij Blackouts.
Sindsdien speelt hij bij het Mechelse Figurentheater De Maan (Neuze neuze), de KVS (Richard II) en tijdens de Zomer van Antwerpen speelt hij mee in de voorstelling Sjwek, of zo klinkt het als ik te pletter sla (MartHa!tentatief/Theater Antigone).
Op verzoek van BRONKS maakt en schrijft hij samen met klasgenoot Joris Van den Brande de voorstelling Zolderling. Deze voorstelling wordt in 2005 ook in het Frans onder de titel Ados-Missile gespeeld.
In 2004 regisseert hij bij Victoria Deluxe het sociaalartistieke project Ne partez pas sans moi. Sobrie speelt ook in The shape of things (Raamtheater 2005-2006), zijn zelf geschreven toneelstuk Titus (KOPERGIETERY 2005-2006) dat geselecteerd wordt als Vuurvlieg 2006, Smolders en Sobrie (BRONKS 2006-2007) en Fimosis (Antigone 2006-2007) die geselecteerd wordt voor het Theaterfestival 2006.
Bij HETPALEIS is hij al eerder te zien in de voorstellingen Pubermensch en Ridderverdriet.
(Bron Het Paleis)
De broers Jan en Peter Vanhecke bewonen samen het appartementencomplex, dat zij van hun verongelukte ouders hebben geërfd. Elk bekommert zich op eigen wijze om het gebouw. Peter door voortdurend op zoek te zijn naar wezens die het bedreigen; Jan door het schoon te maken en te onderhouden. Direct vanaf het begin is duidelijk dat er met beide broers wat mis is. Peter die zich voordoet als de oudere en wijzere, wordt gekweld door wanen. Jan heeft nog nooit een meisje gehad. “Ik geloof in liefde op het eerste gezicht, maar niemand kijkt naar mij”, zegt hij droevig. Het complex en de huurders is zijn leven. Zijn enige ontspanning is het wekelijkse bezoek aan de supermarkt.
Humor is alom tegenwoordig maar heftige en rustige scènes wisselen elkaar af.
‘Fimosis’ is een term die gebruikt wordt voor een te nauwe voorhuid, een aandoening die eigenlijk alleen door een operatie verholpen kan worden. De gebroeders Vanhecke lijken te vast te zitten in de cocon van hun appartement en moeten daar uitbreken om een echt leven te kunnen leiden. Peter lijkt dat te beseffen maar Jan niet.
‘Fimosis’ is een boeiende voorstelling die respect afdwingt voor de vernieuwende manier waarop met ongewone middelen een ontroerend en herkenbaar verhaal wordt neergezet.
(Uit Theater Centraal.nl )
Uit de recensie in De Morgen bij de voorstelling van Fimosis op Het Theaterfestival in Brussel augustus 2006
Sobrie, geboren en getogen in Gent, spreekt het dialect vloeiend, de rollende 'r' incluis.
In het volkscafeetje waar het interview plaatsvindt, wordt hij aan de toog gecomplimenteerd. Hoe schuun het toch is, dat een jonge gast nog Gènsch klapt.
Sobrie bedankt schuchter. "Ik was vroeger een ziekelijk beschaamde jongen. Een podium beklimmen zou nooit in mij zijn opgekomen.
Tot ik in het vijfde middelbaar in het Sint-Janscollege les kreeg van Paul De Loore. Hij vroeg wie wilde meedoen aan het schooltoneel en buiten mijn wil ging mijn vinger de lucht in. We speelden Difficult Loves van psychiater R.D. Laing die een grappige tekst schreef over zijn wedervaren met patiënten."
Zowel in Titus, over een jongen die zelfmoord wil plegen, als in Fimosis, een merkwaardig verhaal over twee broers en de omgang met de dood, klinkt Sobries voorliefde voor sociaal disfunctionele personages. Volks, maar intelligent. Hoewel Sobries stukken niet autobiografisch zijn, staan ze toch niet los van zijn eigen persoon.
"Er doorheen klinkt altijd de angst voor verlies. Titus heb ik geschreven voor mijn bomma, die drie jaar geleden gestorven is. Ze kon de meest fantastische verhalen uit haar duim zuigen. Van haar heb ik mijn liefde voor tragikomische vertellingen meegekregen. Dat en het streven om bij mijn voorstellingen een 'breed publiek' voor ogen te houden.
Ik wil dat het publiek na mijn voorstelling kan zeggen, zoals mijn oma vroeger zei als ze naar Romain De Coninck was gaan kijken: "We hebben ne goeien avond gehad."
Sobrie steekt zijn liefde voor volkse types niet weg. "Arne Sierens' personages komen me zo vertrouwd voor, ik herken ze van mijn jeugd of mijn appartement waar ik nu woon. Ik hou van een volkse touch in theater, wat niet betekent dat je geen intelligent verhaal kunt vertellen."
voor een volledig Cultuuroverzicht in Vlaanderen KLIK